Schitterend “Marathonweekend” op de Utrechtse Heuvelrug
Verslag van het wandelweekend 15 en 16 oktober.

Zeventien KčkWčkkers hadden zich in april en mei opgegeven om in een weekend (ruim) 42 kilometer te gaan wandelen. Het programma van het tweedaags arrangement “Te Voet Langs Kastelen In Utrecht” gaf aan een wandeling van 17 kilometer op zaterdag en 25 kilometer op zondag. Het arrangement was ontwikkeld in het kader van het Jaar van het Kasteel 2005. De Provincie Utrecht, het VVV van Zeist en de Stichting Wandelplat¬form-LAW hadden het idee verder uitgewerkt en de Volkskrant gaf een aardige aanbie¬ding voor haar lezers.

Je bereidt je er een half jaar van te voren op voor en dan is het eindelijk zover. Twee dagen achter elkaar wandelen doen de meeste van ons, met uitzondering van Jacqueline en Helga, niet. Ik had zelf sinds de Vierdaagse van Apeldoorn van 2003 nooit meer die afstanden gewandeld. Dus was het voor bijna iedereen spannend hoe het, met name op de tweede dag, zou verlopen. Daarom had ik voorafgaande aan het wandel¬weekend nog een fikse wandeling gepland.
Dat was de derde etappe van het Marskramerpad: Hollandsche Rading naar Breukelen. Voor die generale repetitie was bijna iedereen gekomen en zelfs nog een paar extra wandelliefhebbers. Die zondag (9 oktober) was het prachtig weer. De polderwandeling van 17 kilometer die we die dag liepen, is naar mijn mening de mooiste polderwandeling geweest die ik ooit gemaakt heb. Het was alleen heel spijtig dat Elsa reeds na 1 kilometer haar enkel ver¬zwikte en terug naar huis moest. Het gevolg was tevens dat ze een week later nog niet voldoende hersteld was om mee te wandelen. Elk nadeel heeft zijn voordeel bleek later weer eens. Want op zondag was ze voor ons zeer waardevol toen zij in haar autootje dienst deed als bezemwagen.
Op zaterdagmorgen 15 oktober, even na tien uur, arriveerden een deel van de groep op station Maarn, waar de anderen, die met de auto waren gekomen, ons reeds stonden op te wachten. Uit de trein stapten ook Vera en Aad die als erkende wandelliefhebbers zich ook hadden opgegeven. Het weerzien was bijzonder aangenaam en hartelijk. Jullie krijgen trouwens allemaal nog de hartelijke groeten van Vera en Aad.
Nadat we volgens het schema de bagage bij de plaatselijke bakker hadden afgegeven, gingen we omstreeks kwart voor elf van start. De zon scheen reeds fel en de thermome¬ter gaf 18 graden aan. “T-shirtjes-weer” en dus werden de jassen en truien uitgedaan. Hoezo herfstwandeling?? Zo dachten de bomen blijkbaar ook, want behoudens een enkele beuk en krentenboom waren alle andere boomblaadjes nog gewoon groen. De gevallen blaadjes op de bodem in het bos waren heerlijk droog en dus knarsperig. Daar kan je dan zo lekker al schoppend in lopen.
De eerste beloning kregen we na ruim een uur wandelen. Koffiepauze in het Châlet Helenaheuvel, waar we op de grote veranda buiten in de ochtendzon genoten van zalig gebak met koffie. Natuurlijk trakteerde KčkWčk. Opstaan daarna valt niet mee. De wandeling ging driekwartier later verder. Door de Kaapse bossen en Hoog Moerbergen beklommen we de 48 meter hoge Maarnse berg. Daarna passeerden we enige heide¬velden en kleine zandverstuivingen om bij een grotere zandverstuiving in landgoed Bornia onze lunchpauze te nuttigen. Achterover liggend of zittend in de zon vielen enige van ons in slaap. Opstaan daarna was nog veel moeilijker. De wandeling ging verder over een groot heideveld op landgoed Heidestein en diverse kronkelende bospaden.
Een klein uurtje later was het tijd voor een theepauze. Borden wezen ons reeds naar een “historisch theehuis”. Dat bleek echter Kasteel ’t Kerckenbosch te zijn, waar we heel chique op het tuinterras thee kregen geserveerd. (Dit keer overigens niet op kosten van KčkWčk.) Het was overigens pas het tweede kasteel op onze route.
De naam voor deze wandeling “Kastelen wandeling” vonden de KčkWčkkers wat over¬dreven. “Marathonwandeling” leek hun een betere naam. (Een dag later zouden we trouwens langs vijf kastelen wandelen.)
Verkwikt door de bijzondere lekkere thee gingen de laatste paar kilometer vanzelf. Rond vier uur kwamen we bij hotel “Figi” in het centrum van Zeist aan. Elsa wachtte ons op. Zij had heerlijk wat in de zon gezeten gelezen en ook nog wat kunnen werken.
Na het inchecken spraken we af om op het terras voor het hotel een biertje te gaan drinken, want we hadden flink dorst. Die dorst werd echter niet echt snel verholpen. De bediening op het overvolle grote terras was bepaald niet snel om een understatement te gebruiken. Bijna drie kwartier later konden we ons laven aan het gerstenat.
Later die avond trakteerde KčkWčk bij het diner op het wel verdiende drankje.
Het hotel was overigens prima. Ruime mooie kamers en het diner en ontbijt waren zeer smakelijk. Op zondag kregen we een lunchpakket mee, waarin en thermoskan koffie, of naar wens, thee in zat. Een prima service van de provincie Utrecht en gelijk een leuk aandenken aan dit weekend.

Zondagmorgen vroeg ontbeten om vroeg te kunnen starten. Reeds om kart over negen vertrokken we voor de 25 kilometer. Van vermoeidheid was blijkbaar geen sprake, want de gang zat er behoorlijk in. Langs de Kromme Rijn liepen we in ganzenpas achter Renate en Annie aan en zij hielden het tempo hoog. Toen we onze eerste stop hielden bij een idyllisch plekje langs de Kromme Rijn en daar onze meegekregen koffie dronken, hadden we bijna 9 kilometer afgelegd!
Toen we wat later langs de in 1126 gegraven wetering de Langbroekerwetering liepen ontving Roland van Elsa een telefoontje dat de twee restaurants, die we gepland hadden om koffie te drinken, beiden op zondag gesloten waren. Even later kwam Elsa ons tegemoet. Ze deed gelijk diens als bezemwagen voor een vrouw uit een andere groep die dezelfde wandeling ook deden. Een paar van ons liepen vanaf dit punt een iets wat verkorte route naar het volgende rustpunt. De anderen vervolgden de route en brachten daarbij een bezoek aan kasteel Beverweert. Althans de tuinen van het kasteel. Trouwens al de kastelen langs de route zijn privé bezit met uitzondering van huize Doorn. Bezichtigen is dus helaas niet bij.
Vlak voor het volgende kasteel Sterkenburg moesten we door een drassig weiland lopen en via een loopplank over een sloot en wat prikkeldraadversperringen ons pad vinden.
Gelukkig was de route in een boekje heel gedetailleerd en goed beschreven, zodat we niet verdwaalden of onnodige omwegen moesten lopen.
Bij het kasteel pikten we de anderen van de groep weer op en hielden aan de slotsloot op het gras in de zon een lange lunchpauze.
Later op de middag voerden de route weer langs het châlet Helenaheuvel, waar we weer wat zouden gebruiken, maar helaas het terras was overvol, zodat we op een grasveld neerstreken en ons eigen meegesjouwde water en eten verder nuttigden.
Elsa had ondertussen de bagage opgehaald en naar de Chinees in Maarn gebracht waar onze wandeltocht met een Chinese maaltijd zou worden besloten. Naar later bleek niet alleen onze bagage, maar ook dat van alle andere wandelaars die deze wandeling liepen!Even met de benen languit op het grasveld was heerlijk en het water smaakte ook prima. De laatste twee en halve kilometer naar Maarn ging heuvelafwaarts en was dus zo gepiept. De “wandelmarathon” was volbracht.
Moe maar zeer voldaan streken we om kwart voor vijf bij de plaatselijke Chinees neer. KčkWčk trakteerde weer en het eten werd besteld. Het uitstekende ‘lopend buffet’ ging er goed in. Er werden nog wat pluimen uitgedeeld, zoals aan Annie die in mei geblesseerd was geraakt en pas sinds enige weken weer had kunnen wandelen. Zij had op een paar kilometer na toch maar mooi de wandeling gelopen.
Na nog gezellig te hebben nagebabbeld gingen we even voor zeven uur weer met de trein, of auto huiswaarts.
Met dank aan iedereen van de groep voor de gezelligheid en de goede harmonie.
Volgend jaar weer een weekend?

Johan Bommelé
p.s. Ik had graag wat foto’s meegestuurd, maar ik heb een probleem met het overheve¬len van de foto’s van de digitale camera naar de computer. Helaas, wellicht volgen ze later nog.